EASY

DANS - Data Archiving and Networked Services

Search datasets

EASY offers sustainable archiving of research data and access to thousands of datasets.

Close Search help

Aanvullend Archeologisch onderzoek in het tracé van de Betuweroute, Buren Stenen Kamer (AAO 12)

Cite as:

Jongste, P.F.B.; (): Aanvullend Archeologisch onderzoek in het tracé van de Betuweroute, Buren Stenen Kamer (AAO 12). DANS. https://doi.org/10.17026/dans-xjt-4b5t

1996 Jongste, P.F.B.; 10.17026/dans-xjt-4b5t

In opdracht van de Nederlandse Spoorwegen/Railinfrabeheer (NS/RIB) heeft de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB) een Aanvullend Archeologisch Onderzoek (AAO) uitgevoerd in de gemeente Buren. Object van het onderzoek was een terrein langs de Linge, ten noorden van de A15 in de plaats Kapel-Avezaath (toponiem: De Stenen Kamer; het oostelijk deel; perceelnummer 457).
Het onderzoeksgebied ligt in het tracé van de Betuweroute. In opdracht van de NS/RIB is door de Stichting Regionaal Archeologisch Archiverings Project1 op dit terrein een archeologische booronderzoek uitgevoerd. Daarbij werden vondsten gedaan die duiden op bewoning vanaf de Late Middeleeuwen (1300-heden).
Het doel van het onderzoek is inzicht te krijgen in de aard, de omvang en de kwaliteit van de archeologische sporen in de grond en de geschiedenis van het huidige huis De Stenen Kamer, zodat beslissingen genomen kunnen worden over opgraving, dan wel de fysieke bescherming van de vindplaats.
Het AAO bestond uit een reeks opgravingsputten langs een west-oost en een zuid-noord as, gericht op het huis De Stenen Kamer en een booronderzoek. In het oostelijke deel van het onderzoeksgebied werden funderingen aangetroffen van voorgangers van het huidige huis, een waterput en afvallagen vanaf de 14e eeuw en aanwijzingen voor een waterloop die in de 18e eeuw moet zijn gedempt. Steenbouw op het platteland in de 14e eeuw is uitzonderlijk. De gebouwen moeten in die tijd zeker een bepaalde status aangegeven hebben die verder gaat dan de doorsnee agrarische bewoning. Ook de benaming De Stenen Kamer, een toponiem dat in die tijd meer voorkomt, duidt op een dergelijke status.
In het westelijke deel van het terrein werden lagen aangetroffen waarin vondsten uit de Vroege en Late Middeleeuwen (800-1200) werden aangetroffen. Mogelijk hebben we hier te maken met een perifere zone van de vindplaats aan de andere kant van de Molenstraat (De Stenen Kamer: westelijk deel, perceelnr. 296 en 391) en de vindplaats ten zuiden van de A15 (vindplaats 33 toponiem: Linge-Tiel). Daar kon nog geen onderzoek worden uitgevoerd, omdat er op het moment van onderzoek geen toestemming voor de betreding van deze terreinen was. Op het terrein van de Stenen Kamer (oost) zelf werden geen bewoningssporen aangetroffen die dateren uit de Vroege Middeleeuwen.

Op basis van het beschreven onderzoek zijn de volgende conclusies getrokken
1. De onderzochte archeologische resten maken deel uit van een nederzetting op een stroomrug. Er is sprake van een continue bewoning vanaf de 14e eeuw tot heden in het oostelijke deel van het terrein. Mogelijk liep er ten westen van de nederzetting een afgedamde waterloop. In het westelijk deel van het terrein zijn vondstlagen aangetroffen met Vroeg- en Laat-Middeleeuws materiaal (850-1200). Het gaat hierbij mogelijk om een perifere zone van een nederzetting die is aangetroffen op twee aangrenzende percelen aan de overzijde van de Molenstraat (De Stenen Kamer westelijk deel) en een vindplaats ten zuiden van de A15 (vindplaats 33 toponiem: Linge-Tiel).
2. De gaafheid en de conservering van de vindplaats scoren op de waarderingsschaal 5 punten.